

Periode
Ingezette militairen
Werelddeel
In 1995 eindigde de Bosnische oorlog door het Verdrag van Dayton. Sindsdien helpt de Europese Unie (EU) Bosnië-Herzegovina met stabiliteit. Op verzoek van Bosnië startte de EU op 1 januari 2003 de European Union Police Mission (EUPM). EUPM was de opvolger van de VN-politiemissie United Nations International Police Task Force (UNIPTF).
Het doel was een goed functionerende politiekorps op te bouwen. De politie moest voldoen aan Europese en internationale normen. Zo kon de bevolking het eigen rechtssysteem vertrouwen. EUPM richtte zich op orde, veiligheid, misdaadbestrijding, berechting, administratie, ethiek en grensbewaking.
EUPM had ongeveer vijfhonderd personen uit 33 landen. Nederland leverde in 2003 twintig marechaussees en acht civiele politiefunctionarissen. EUPM-personeel was ongewapend. SFOR-troepen (later EUFOR-troepen) zorgden voor veiligheid. De hervorming van de politie ging traag. Corruptie en slechte samenwerking waren grote problemen.
De hervorming van de Bosnische politie ging langzaam. Dat kwam door corruptie en de slechte samenwerking tussen de vele instanties die er iets mee te maken hadden.
Eind 2005 sloten Bosnische partijen een akkoord over politiehervormingen. De EU startte een kleinere vervolgmissie: EUPM II. Deze missie werkte nauwer samen met lokale en internationale organisaties. EUPM II richtte zich op misdaadbestrijding en corruptie. Ook hielp de missie bij het opsporen van verdachten van oorlogsmisdaden. Nederland leverde zes civiele politiefunctionarissen en vier marechaussees. In 2011 stopte de Nederlandse bijdrage. De EU beëindigde de missie in juni 2012.