Klaas Appel: ‘Vrijheid nauwelijks te bevatten’

leesverhaal

4 maart 2022

Appel (1920-2022) vocht in de meidagen van 1940 mee in de Slag om Ypenburg. ‘Ik zat bij de Huzaren van Boreel en heb in mei 1940 als bestuurder van een pantserwagen gevochten in de Slag om Ypenburg. Na de capitulatie ben ik kort krijgsgevangene geweest, maar omdat ik werk had als vrachtrijder mocht ik na een paar weken naar huis.’
veteraan_klaas_appel
veteraan_klaas_appel

‘Van de gevechten herinner ik me vooral de paniek, de herrie en de angst. De doden en gewonden overal. Er zijn beelden die ik nog altijd scherp op mijn netvlies heb. Ik zag hoe een wachtmeester een Duitser neerstak met een bajonet. Hoe een jongen, uit pure angst, bij een boer op het erf met zijn blote handen onder een paar strobalen een gat probeerde te graven, om zich in te verbergen. Ik heb die dagen in een roes beleefd.

De capitulatie was voor de meesten van ons een opluchting. Maar ook daarna was de oorlog een toestand van constante spanning. Toen het gerucht ging dat we bevrijd waren, was ik daar eerst argwanend over. Na vijf jaar angst en onheil was het nauwelijks te bevatten. Maar toen overal de vlaggen uitgingen en mensen massaal de straat opgingen, drong tot me door dat het echt voorbij was. Het was alsof er een blok beton van mijn schouders viel.’

 

 

‘Het belang van vrijheid is voor mij niet in woorden uit te drukken. Als mijn kinderen of kleinkinderen te lichtvaardig denken over hoe goed we het hier hebben, zeg ik soms: “Als je de oorlog had meegemaakt, dan praatte je wel anders.” In een oorlog leef je altijd in angst. Ik hoop dat jonge mensen beseffen hoe waardevol onze vrijheid is.’

  • Meer weten over het levensverhaal van Klaas Appel? In de Interviewcollectie Nederlandse Veteranen is zijn verhaal te beluisteren.
  • In 2019 kwamen ruim 100 WO2-veteranen samen in Doorn. NH Nieuws maakte een reportage en interviewde Klaas Appel. Bekijk hier de video.

Andere recente verhalen

Bekijk alle verhalen

Lees verder

Verhaal

30 september 2026

Ereplek: Inge
“Als ik dit hangslot weer in handen heb, denk ik terug aan Kabul eind 2005. Er was tien centimeter sneeuw gevallen en de stad lag onder een dikke deken van smog. Alles wat brandbaar was, werd opgestookt om warm te blijven. Veel rubber van autobanden maar bijvoorbeeld ook kamelenpoep. De lucht was zo vervuild dat ik de eerste twee weken na aankomst last had van bloedneuzen. Hoe moet het voor de mensen zijn die hier hun hele leven wonen?"