leesverhaal
4 mei 2017


“Zo nu en dan werd er binnen de familie gesproken over de oorlog in Nederlands-Indië. Mijn peettante schreef een boek over haar ervaringen in de diverse kampen. Zo kon ze het een plek geven. Mijn ouders waren minder open. De verhalen uit die tijd over mijn vader, kreeg ik pas na zijn overlijden van zijn vrienden te horen. Mijn moeder had er ook moeite mee. Zij wilde nooit meer terug naar Indonesië. De herinneringen waren te pijnlijk.”
“‘De missie naar Sinaï was om de militairen die daar al zaten af te lossen. We werden onderverdeeld in een Noord- en Zuid-kamp. In het Zuid-kamp zaten diverse mensen van Landmacht, Luchtmacht en Marine/mariniers om de communicatie met de diverse buitenposten te verzorgen. Als communicatiespecialist was ik verantwoordelijk voor deze organisatie, waaronder verbindingen en onderhoud aan barakken.
De Amerikanen die daar in die periode ook waren uitgezonden kwamen onder andere uit Vietnam. Zij waren er geplaatst als tussenstation, om tot rust te komen. De verhalen die zij ons vertelden maakten duidelijk dat het er in andere werelddelen totaal anders aan toe ging.”
Zulke heftige dingen heb ik niet meegemaakt tijdens mijn missie. Negen maanden ben ik weggeweest. Daarna werd ik operationeel ingezet op een schip.

“Nederlands-Indië. Ik heb de oorlog niet echt bewust meegemaakt, maar mijn familie wel. Die verhalen, je draagt ze altijd met je mee. Tijdens de herdenking is dat toch waar je aan terugdenkt. Je hoopt dat men het niet zal vergeten. Ik vergeet het in ieder geval niet.”